Evenwichtsproblemen vormen na het zestigste levensjaar één van de stilste, onderschatte risico's voor de kwaliteit van leven. Niet omdat duizeligheid op zichzelf gevaarlijk is, maar omdat het verlies van vertrouwen in het eigen lichaam vaak leidt tot minder bewegen, minder buiten komen en uiteindelijk juist meer kans op vallen.

Stoelyoga biedt een paradoxaal antwoord: door uitgerekend zittend te trainen, met de voeten plat op de grond en de handen op een stabiele stoel, bouw je balans, kracht en zelfvertrouwen op zonder grote risico's.

Dit artikel legt uit waarom dat werkt, welke oefeningen onderzoekers en docenten in de praktijk veilig achten, en wanneer je beter eerst langs de arts of fysiotherapeut gaat.

In het kort: Stoelyoga kan bij evenwichtsproblemen helpen door zit-naar-stand-overgangen, blikfixatie, voet-grounding en zachte rotaties veilig te oefenen. Studies tonen verbetering op balanstesten en afname van valincidenten na acht tot twaalf weken. Cruciaal zijn een stabiele stoel, voeten plat, langzame overgangen en pauzeren bij duizeligheid. Bij acute draaiduizeligheid, vertigo of orthostatische hypotensie eerst de arts. Combineer bij voorkeur met fysiotherapie en bouw langzaam op.

Het korte advies

Wie evenwichtsproblemen ervaart hoeft niet te kiezen tussen niet bewegen en risico nemen. De middenweg is gestructureerd trainen met steunpunten.

Een goede stoel met armleuningen, voeten plat op de grond, ruime kleding en een rustige omgeving vormen de basis.

Daarbinnen werk je twee tot drie keer per week aan een handvol oefeningen die elk een specifieke pijler van balans aanspreken: vestibulaire input via zachte hoofdbewegingen, visuele fixatie, proprioceptie via de voeten en spierkracht in benen en romp.

Acht weken consistente oefening geeft bij de meeste senioren meetbare verbetering. Vraag bij twijfel altijd eerst je huisarts om uitsluiting van onderliggende oorzaken, en kies een docent met seniorenspecialisatie wanneer je in een groepsles wilt deelnemen.

Forceer nooit een oefening waarbij duizeligheid toeneemt; dat is geen training, dat is een waarschuwing.

Oorzaken van evenwichtsproblemen

Evenwicht is een samenspel van drie systemen: het evenwichtsorgaan in het binnenoor (vestibulair systeem), de visuele input vanuit je ogen, en de proprioceptie, de waarneming van je lichaamspositie via spieren, pezen en gewrichten.

Op latere leeftijd kunnen alle drie de systemen onafhankelijk van elkaar achteruitgaan, en de combinatie maakt het lastig om in gewone situaties stabiel te blijven.

Cataract of slechtziendheid vermindert visuele input, neuropathie in de voeten vermindert proprioceptie, en de haarcellen in het binnenoor degenereren met de jaren.

Daarnaast spelen veelvoorkomende medische factoren een rol. Lage bloeddruk bij opstaan (orthostatische hypotensie), bijwerkingen van medicatie, een acute middenoorontsteking, benigne paroxysmale positieduizeligheid (BPPD), de ziekte van Ménière en de ziekte van Parkinson zijn voorbeelden die actief onderzoek door een arts vragen.

Andere oorzaken zijn meer geleidelijk: verzwakte been- en rompspieren door inactiviteit, stijfheid in de enkels en heupen, of onbewust angstig bewegen waardoor de natuurlijke balansreacties remmen. Stoelyoga kan op de spier-, mobiliteits- en zelfvertrouwencomponent ingrijpen, maar vervangt geen medisch onderzoek bij plotse of progressieve klachten.

Vestibulair versus spier-balans

Om te begrijpen wat stoelyoga wel en niet kan, helpt het om twee soorten balansproblemen te onderscheiden. De eerste categorie is vestibulair: het evenwichtsorgaan geeft verkeerde signalen door, met als gevolg duizeligheid, een tollend gevoel of misselijkheid bij hoofdbewegingen.

Deze klachten reageren goed op gerichte vestibulaire revalidatie onder begeleiding van een fysiotherapeut, waarbij gewenning aan beweging het belangrijkste mechanisme is. Stoelyoga kan dit ondersteunen door langzame, herhaalde hoofd- en blikoefeningen die het systeem rustig stimuleren.

De tweede categorie is spier- en houdingsgebonden: je voelt je niet duizelig maar wel onzeker, je benen wankelen sneller, je hebt minder vertrouwen op een trap of in de douche. Hier zijn spierkracht in de bovenbenen en kuiten, mobiliteit in de heupen en enkels, en de snelheid waarmee het lichaam corrigeert op onverwachte bewegingen de bepalende factoren.

Voor deze klachten is stoelyoga juist sterk: de oefeningen trainen specifiek opstand-bewegingen, gewichtsverplaatsing en het hervinden van het zwaartepunt. Veel mensen hebben overigens een mix van beide; een goede docent of fysiotherapeut helpt bij het bepalen welk type oefening voor jou voorop staat.

Evidence: stoelyoga en valpreventie

De wetenschappelijke onderbouwing van stoelyoga bij evenwichtsproblemen is bescheiden maar groeiend. Een systematisch review uit 2021 in het tijdschrift BMC Geriatrics analyseerde negen studies bij thuiswonende ouderen en zorgwoning-bewoners.

De auteurs vonden consistent matige verbeteringen op de Berg Balance Scale, de Functional Reach Test en de Timed Up & Go-test na acht tot zestien weken stoelyoga, meestal twee keer per week.

Twee gerandomiseerde studies, één uit 2017 in een verpleeghuis, één uit 2022 onder zelfstandig wonende zeventig-plussers, rapporteerden bovendien een vermindering van het aantal valincidenten.

Belangrijk om te begrijpen: deze studies vergelijken stoelyoga meestal met geen-interventie of een passieve controlegroep.

Wanneer stoelyoga vergeleken wordt met gerichte valpreventieprogramma's zoals het Otago-programma of het Nederlandse In Balans-programma, dan zijn die laatste programma's vaak effectiever bij hoog-risico ouderen omdat ze specifiek krachttraining en complexe balansoefeningen combineren.

Stoelyoga heeft echter twee voordelen: het is toegankelijker voor mensen die staan moeilijk vinden, en het wordt vaker en langer volgehouden omdat het als prettig wordt ervaren. Voor de gemiddelde senior zonder hoog valrisico is het een uitstekend startpunt of aanvulling.

Een stabiele stoel kiezen

De keuze van de stoel is bij evenwichtsoefeningen geen detail maar de eerste veiligheidsmaatregel. Een stoel met armleuningen geeft je twee extra steunpunten bij overgangen, en een stevige rugleuning bewaart je houding tijdens lange zit-oefeningen.

De zitting hoort op een hoogte waarbij je voeten plat op de vloer staan met de knieën in een hoek van ongeveer negentig graden, een hoek waarbij je dijbeen ongeveer evenwijdig aan de vloer ligt. Te lage stoelen maken opstaan moeilijker en belasten knieën onnodig; te hoge stoelen laten je voeten bungelen, wat de hele oefening ondermijnt.

Vermijd kantelende of draaiende bureaustoelen, lage gemakstoelen, krukken zonder rugleuning en stoelen met wieltjes. Een eenvoudige eetkamerstoel of een speciale yogastoel, een metalen klapstoel zonder voorste dwarsbalk, voldoet doorgaans uitstekend.

Bij twijfel test je de stoel door er stevig op te leunen vanuit verschillende hoeken; als er ook maar enige kanteling of beweging is, kies dan iets anders.

Zet de stoel op een niet-glijdende ondergrond, met minimaal een meter ruimte rondom voor je armen, en zorg dat de stoel niet aan een tapijtrand staat die kan opwippen. Bij wat oudere of bredere stoelen kan een antislipmat onder de poten extra veiligheid geven.

Voeten plat: grounding als basis

In de yogatraditie noemt men dit grounding: het bewuste contact tussen de voetzool en de vloer. Bij stoelyoga voor evenwicht is dit niet alleen spirituele beeldspraak maar functionele neurologie.

De voetzolen bevatten een groot aantal proprioceptieve receptoren, sensoren die je hersenen continu informatie geven over je positie.

Wie zijn voeten echt plat en bewust op de vloer zet, voedt zijn balanssysteem met meer en betere informatie dan iemand met hangende benen of voeten op tenen.

Begin elke oefensessie met dit ritueel: ga met beide billen gelijk op de stoel zitten, voeten heupbreed uit elkaar, voeten plat op de vloer. Voel achtereenvolgens je hielen, je bal van de voet onder de grote teen, en de buitenkant van je voet onder de kleine teen.

Dat zijn de drie steunpunten van een gezonde voetafwikkeling. Druk ze om beurten zachtjes in de vloer, ongeveer dertig seconden.

Veel mensen merken meteen dat ze in het dagelijks leven onbewust op één bil of op één voet meer leunen; bewust beide zijden inschakelen verandert je houding al voor de eerste oefening begint. Dit is geen warming-up, dit is de oefening, en je herhaalt deze grounding tussen elke andere oefening door.

Oefening 1, Tegengewicht zoeken

Deze oefening traint het bewustzijn van je zwaartepunt, een fundament van actieve balans. Ga rechtop op de stoel zitten, voeten plat, handen losjes op de bovenbenen.

Verplaats je gewicht heel langzaam naar één bil, dus naar links, zonder dat de rechterbil de stoel verlaat. Voel hoe je linker zit-knobbel zwaarder wordt en hoe je romp licht meekantelt.

Hou drie ademhalingen aan, kom rustig terug naar het midden, voel even hoe het is om volledig gecentreerd te zitten, en doe hetzelfde naar rechts. Drie tot vijf herhalingen per kant.

Doe dezelfde oefening daarna voor-achter: gewicht licht naar voren (alsof je wilt opstaan zonder te staan) en weer terug, gewicht licht naar achteren (de rugleuning aantikkend) en weer terug. Pas in een latere les voeg je diagonale verplaatsingen toe, en uiteindelijk maak je rustige cirkels met je bovenlichaam.

De winst zit niet in beweeglijkheid maar in bewustwording: senioren die zich bewust zijn van hun zwaartepunt en het kunnen verplaatsen, vallen aantoonbaar minder vaak. Doe deze oefening niet als je acuut duizelig bent; sla hem dan over en doe een ademhalingsoefening.

Oefening 2, Zachte rotatie

Beperkte hoofd- en romprotatie is een onderschatte oorzaak van valpartijen: wie zich niet meer goed kan omdraaien op een aanroep of bij oversteken, struikelt eerder. Stoelyoga traint deze rotatie veilig binnen comfortabele grenzen.

Begin met handen losjes op de dijen, voeten plat.

Adem rustig in en bij de uitademing draai je je hoofd zachtjes naar rechts, niet verder dan waar het zonder spanning komt. Houd drie ademhalingen vast en kom terug naar het midden.

Doe hetzelfde naar links.

Voeg in een volgende stap een romprotatie toe: leg je rechterhand op de buitenkant van je linkerknie en je linkerhand op de rugleuning of het zitvlak achter je. Draai je romp zachtjes mee, kijk over je linkerschouder.

Geen forceren, geen scherpe wenden. Drie ademhalingen vasthouden, terugkomen, andere kant.

Bij vestibulaire klachten kan rotatie van het hoofd duizeligheid uitlokken; doe de beweging dan extra langzaam en houd je ogen open. Stop bij toenemende klachten en bespreek met een vestibulair fysiotherapeut hoe je gewenning kunt opbouwen via een gestructureerd schema.

Oefening 3, Blik fixeren

Visuele fixatie, het vermogen om een vast punt in beeld te houden terwijl je hoofd beweegt, is een essentieel onderdeel van het zogenaamde vestibulo-oculaire systeem. Wanneer dit systeem traag of onnauwkeurig wordt, voel je je sneller duizelig in dynamische omgevingen, zoals in een drukke supermarkt of bij oversteken.

Een eenvoudige stoelyoga-oefening traint deze functie veilig.

Houd je duim op armlengte voor je gezicht, of focus op een vaste plek op de muur op ooghoogte. Draai vervolgens je hoofd langzaam naar links en weer terug naar het midden, terwijl je ogen het punt blijven volgen, dus je ogen draaien tegengesteld aan je hoofd om het beeld scherp te houden.

Tien herhalingen, daarna hetzelfde naar rechts, dan boven en onder. Bouw langzaam op in snelheid, maar nooit verder dan comfortabel.

Deze oefening voelt voor sommigen eerst raar of licht duizelig; dat is normaal en juist het teken dat het vestibulo-oculaire systeem getraind wordt. Bij scherp toenemende klachten stop je, ga je rustig zitten, drink je water en geef je het systeem een dag rust.

Oefening 4, Tandem staan naast stoel

Tandem staan, één voet recht voor de andere, hiel tegen teen, is een klassieke balansoefening die de smalle steunbasis simuleert van bijvoorbeeld op een stoeprand lopen of in een nauwe ruimte manoeuvreren. Doe deze oefening met de stoel als veilig anker: ga staan naast de stoel met één hand op de rugleuning.

Plaats vervolgens je rechtervoet recht voor je linkervoet, hiel tegen teen, alsof je op een denkbeeldige lijn staat.

Houd tien seconden vast, kom terug, en doe hetzelfde met de andere voet voor. Drie herhalingen per kant.

Wie het comfortabel doet, kan in een latere fase proberen met slechts één of zelfs geen vingertop op de rugleuning, of de oefening met gesloten ogen doen, maar alleen onder begeleiding of met een tweede stoel aan de andere kant als reservesteun. Bij draaiduizeligheid of slechte verlichting altijd twee handen op steun.

Stop bij wankelen dat na vijf seconden niet bedaart en zet beide voeten weer naast elkaar. Deze oefening, ook al duurt hij maar dertig seconden, doet meer voor je actieve balans dan vele minuten louter zitwerk.

Oefening 5, Opstaan uit de stoel

De zit-naar-stand-beweging is de meest voorkomende handeling waarin senioren vallen of duizelig worden. Hem doelgericht oefenen is waardevolle valpreventie.

Begin op de voorste helft van de stoel, voeten plat en iets achter de knieën, dichter dan in de gewone zithouding.

Leun licht naar voren vanuit je heupen, zodat je neus boven je tenen komt, en druk vanuit je hielen omhoog tot je staat.

Sta even rustig, voel hoe je voeten contact maken, en ga gecontroleerd weer zitten door je heupen naar achteren te bewegen tot je de stoel met je billen voelt en jezelf laat zakken.

Vijf herhalingen, met focus op langzaam en gecontroleerd in plaats van snel. Tussen elke herhaling kort grounding doen: voeten voelen, ademhaling, recht zitten.

Wie moeite heeft kan beginnen met de armen van de stoel als steun, maar het werkelijke trainingseffect zit in opstaan zonder de armen te gebruiken.

Doe deze oefening niet als je net wakker bent, net hebt gegeten of net medicatie hebt ingenomen, wacht minstens twintig minuten zodat orthostatische reacties stabiliseren.

Bij duizeligheid bij het opstaan: ga zitten, drink water, en doe de oefening later op de dag. Geleidelijk opbouwen tot tien herhalingen geeft binnen zes weken merkbare verbetering in dagelijkse opstaan-zekerheid.

Wat niet te doen bij duizeligheid

Sommige bewegingen zijn bij actieve duizeligheid risicovol en sla je dan ook over of doe je pas na overleg met je arts of fysio.

Snelle hoofdbewegingen, achterover hoofd in de nek (zoals bij een achterwaartse rek), draaiende oefeningen waarbij je in cirkels meegaat, sluit ogen-oefeningen zonder steun, en ademoefeningen met sterke hyperventilatie horen niet thuis in een sessie waar duizeligheid al aanwezig is.

Ook geven sommige rek-oefeningen waarbij je hoofd ondersteboven komt, voorover hangen met losse armen, bij gevoelige mensen orthostatische reacties.

Goede oefeningen op dagen met meer klachten zijn langzame ademhalingsoefeningen met de ogen open en de blik op een vast punt, lichte armbewegingen zonder hoofd mee te draaien, en de grounding-oefening op de stoel met aandacht voor de voeten.

Een rustige sessie van vijftien minuten met deze elementen kan de duizeligheid soms zelfs verminderen door het vestibulaire systeem te kalmeren.

Toenemende klachten betekenen altijd stoppen, water drinken en eventueel contact opnemen met de huisarts. Een eenmalige duizeligheid hoeft geen reden tot zorg te zijn, maar herhaaldelijke nieuwe duizeligheid bij oefeningen die voorheen probleemloos waren wel, bespreek dat met je behandelaar.

Samenwerking met fysio of arts

Stoelyoga is geen vervanging van medische zorg bij evenwichtsproblemen maar een uitstekende aanvulling, mits goed gecoördineerd. De eerste stap is een huisartsbezoek waarbij oorzaken zoals BPPD, hartritmestoornissen, orthostatische hypotensie, medicatie-effecten en visuele problemen worden uitgesloten of behandeld.

Bij aanhoudende klachten verwijst de huisarts vaak naar een vestibulair fysiotherapeut of geriater, en in specifieke gevallen naar een KNO-arts of neuroloog. Een gerichte diagnose maakt veilige oefening mogelijk omdat je dan weet wat wel en niet getraind kan worden.

Een goede stoelyoga-docent met seniorenspecialisatie (bijvoorbeeld VSY-erkend) heeft basiskennis van veelvoorkomende aandoeningen en kan oefeningen aanpassen. Vraag bij intake naar ervaring met balansoefeningen en met deelnemers met evenwichtsproblemen.

Geef ook openheid over je diagnose en medicatie. Bij twijfel kan de docent overleggen met je fysiotherapeut over welke oefeningen al wel of nog niet geschikt zijn.

Deze samenwerking is geen formele verplichting maar in de praktijk de beste garantie voor effectieve én veilige progressie. Maak ook gebruik van eventuele valpreventieprogramma's die je gemeente of zorgverzekeraar aanbiedt; ze zijn complementair aan stoelyoga, niet concurrerend.

Thuis veilig oefenen

Veel senioren combineren een wekelijkse groepsles met dagelijkse mini-sessies thuis. Daar is veel voor te zeggen: de groepsles biedt sociale interactie en correctie van de docent, terwijl thuis-oefenen consistentie en herhaling brengt, en het is herhaling dat balans daadwerkelijk verbetert.

Veilig thuis oefenen vraagt om een paar randvoorwaarden die mensen vaak onderschatten.

  • Zet de stoel op een vlakke, niet-gladde ondergrond, minimaal een meter van scherpe randen.
  • Verwijder kleedjes, kabels en kleine meubels uit de oefenruimte.
  • Zorg voor goede verlichting; schemer of tegenlicht vergroot het valrisico.
  • Draag kleding waarin je vrij kunt bewegen en schoenen met antislipzool, of stevige antislipsokken.
  • Hou een glas water en je telefoon binnen handbereik.
  • Oefen niet vlak na een grote maaltijd of na nieuwe medicatie-inname.
  • Wanneer mogelijk: oefen op tijden dat er iemand thuis is of bereikbaar via de telefoon.
  • Volg een vast schema (bijvoorbeeld dagelijks om tien uur) zodat het ritme zichzelf onderhoudt.
  • Houd een eenvoudig logboek bij van duur, gevoel en eventuele klachten.

Begin met kortere sessies van tien tot vijftien minuten en bouw geleidelijk op naar dertig minuten op rustige dagen. Liever drie korte sessies per week consistent dan één lange die je vaak overslaat.

Bekijk gratis filmpjes van erkende docenten of vraag in de wijkles om een uitgewerkt thuis-schema.

Geef jezelf zes tot acht weken voor de eerste merkbare verbetering en blijf doorgaan: balanstraining is geen kuur maar onderhoud, vergelijkbaar met tandenpoetsen voor je evenwicht.

Mythes rond balans en yoga

Rond balans en yoga voor senioren circuleren hardnekkige mythes die soms juist de mensen tegenhouden die er het meeste baat bij zouden hebben. Een paar veelvoorkomende:

  • "Yoga is voor lenige mensen." Onjuist, stoelyoga is juist ontworpen voor mensen met beperkte mobiliteit en wordt door tienduizenden Nederlandse senioren beoefend.
  • "Bij duizeligheid moet je rusten, niet bewegen." Niet algemeen waar. Bij acute aanvallen wel, maar langdurig vermijden van beweging verergert balansproblemen op de langere termijn.
  • "Stoelyoga is te makkelijk om effect te hebben." Met de juiste opbouw en consistentie is het wel degelijk effectief, ook bij hogere intensiteit met armbewegingen, weerstand en complexe coördinatie.
  • "Het werkt alleen voor heel oude mensen." Mensen vanaf vijftig met beginnende klachten of artrose hebben er ook duidelijk baat bij.
  • "Je moet eerst gewone yoga kunnen voor stoelyoga." Onjuist; stoelyoga staat op zichzelf en heeft een eigen pedagogische lijn.
  • "Het is zweverig of religieus." Goede seniorenles wordt seculier en functioneel gegeven, met focus op gezondheid en zelfredzaamheid.

Wie deze mythes los kan laten, geeft zichzelf de kans om een vorm van beweging te ontdekken die toegankelijk is, sociaal kan zijn en wetenschappelijk onderbouwde gezondheidseffecten oplevert. Voor mensen met evenwichtsproblemen is dat des te belangrijker, omdat alternatieven zoals fitness, wandelen of zwemmen niet altijd haalbaar of veilig voelen.

Stoelyoga is letterlijk de stap-voor-stap heropbouw van vertrouwen in het eigen lichaam, beginnend bij de stoel, en uiteindelijk verder dan dat.

De winst is meer dan alleen balans. Senioren die regelmatig stoelyoga doen rapporteren consistent betere slaap, minder gewrichtspijn, meer ontspanning en een groter zelfvertrouwen in dagelijkse handelingen.

Dat laatste, het hervinden van vertrouwen om naar de winkel te gaan, een kleinkind op te tillen of zonder zorgen onder de douche te stappen, is misschien wel de belangrijkste uitkomstmaat van valpreventie.

Niet het aantal vermeden valpartijen, maar het aantal dingen dat je weer durft te doen. Een goede stoel, vijftien minuten per dag, en de bereidheid om langzaam te beginnen zijn alles wat je nodig hebt om die weg in te slaan.

Veelgestelde vragen

Alles wat je wil weten.

Vermindert stoelyoga echt het aantal valpartijen?+

Meerdere kleinschalige studies bij thuiswonende ouderen en bewoners van zorginstellingen laten zien dat regelmatige stoelyoga, meestal twee keer per week, gedurende acht tot twaalf weken, leidt tot betere prestaties op gestandaardiseerde balanstesten zoals de Berg Balance Scale en de Timed Up & Go. Twee gerandomiseerde trials uit 2017 en 2022 rapporteerden bovendien een afname van het aantal zelfgerapporteerde valincidenten. De effecten zijn matig groot, niet spectaculair, maar wel klinisch betekenisvol. Dit betreft echter geen vervanging voor specifieke valpreventieprogramma's bij hoogrisico-ouderen; vraag bij twijfel je huisarts of fysiotherapeut om een gerichte beoordeling.

Mag ik stoelyoga doen tijdens een vertigo-aanval?+

Tijdens een acute vertigo-aanval, een echte draaiduizeligheid waarbij de kamer lijkt te tollen, is rust het eerste advies. Doe op dat moment geen rotatie- of hoofdbewegingen, ook niet op een stoel. Wel kun je heel langzaam ademhalingsoefeningen doen met de ogen open en de blik op een vast punt voor je. Zodra de acute episode voorbij is, kan stoelyoga juist nuttig zijn om het vestibulaire systeem geleidelijk te trainen. Bij benigne paroxysmale positieduizeligheid (BPPD) volgt eerst de Epley-manoeuvre via een arts of fysio; daarna kun je voorzichtig met aangepaste stoelyoga starten, in overleg met de behandelaar.

Hoeveel keer per week moet ik oefenen voor effect?+

Voor merkbare verbetering van balans en stabiliteit wijst onderzoek op een minimum van twee sessies van dertig tot zestig minuten per week, gedurende ten minste acht weken. Drie keer per week levert sneller en duidelijker resultaat. Korte dagelijkse mini-sessies van tien à vijftien minuten thuis, in combinatie met één wekelijkse begeleide groepsles, blijken voor veel senioren het haalbaarst. Belangrijk is consistentie: drie korte sessies per week gedurende drie maanden geven aantoonbaar meer winst dan één lange sessie per week of een onregelmatige intensieve kuur. Bouw langzaam op en stop bij pijn of toenemende duizeligheid.

Wat als ik bloeddrukmedicatie of slaapmiddelen gebruik?+

Bepaalde medicatie, bloeddrukverlagers, diuretica, benzodiazepinen, sommige antidepressiva en antihistaminica, kan duizeligheid bij houdingsverandering versterken (orthostatische hypotensie). Dat betekent niet dat stoelyoga onveilig is, maar wel dat je extra voorzichtig moet zijn bij overgangen van zit naar stand of bij snelle hoofdbewegingen. Sta altijd langzaam op, hou de stoel of een ander stabiel meubel vast en geef je systeem dertig seconden om aan te passen. Bespreek met je huisarts of apotheker of er medicatie is die misschien aangepast kan worden. Een docent met seniorenspecialisatie weet hier doorgaans goed mee om te gaan.

Kan stoelyoga ook met een wandelstok of rollator?+

Ja, en sterker nog: voor mensen die in het dagelijks leven een loophulpmiddel gebruiken is stoelyoga vaak een uitkomst. Zet de rollator of stok binnen handbereik naast de stoel zodat je hem kunt pakken bij overgangen of staande oefeningen. Veel docenten passen oefeningen aan zodat een loophulpmiddel actief onderdeel wordt van de balanstraining, bijvoorbeeld door één hand op de rollator te houden tijdens tandem staan. Belangrijk is dat het hulpmiddel goed is afgesteld op je lengte en dat de rem werkt bij een rollator. Bespreek met je fysio of de docent hoe je het hulpmiddel veilig integreert in de oefeningen.

Lees ook

Verder in de kennisbank.

Alle artikelen →