Supplementen voelen onschuldig. Je koopt ze zonder recept bij de drogist, ze worden niet door je arts voorgeschreven en de verpakking suggereert niet meer dan een steuntje voor je gezondheid.
Toch zijn juist die "onschuldige" potjes verantwoordelijk voor een groeiend aantal interacties met medicatie, interacties die je apotheker niet automatisch ziet, omdat supplementen vaak nergens vastliggen.
De gevolgen variëren van een anticonceptiepil die ineens niet meer beschermt, tot een bloedverdunner die te zwak of te sterk werkt, tot een schildklierpil die onvoldoende wordt opgenomen. Dit artikel zet zeven combinaties op een rij die je écht moet kennen als je naast je medicatie ook iets uit het schap haalt.
Het is geen reden tot angst, wel reden tot één eerlijk gesprek met je apotheker.
Bekijk ook de gids voor supplementen coaching als je aanbieders, tarieven en keuzes in de buurt wilt vergelijken.
Het korte advies
Als je medicatie gebruikt, gedraag je supplementen dan met dezelfde aandacht als die medicatie. Dat betekent in de praktijk drie dingen.
Eén: schrijf op wat je dagelijks slikt, pillen, capsules, kruiden, thee in kuurvorm, eiwitpoeders, en laat dat lijstje vastleggen bij je apotheek.
Twee: ken de zeven combinaties uit dit artikel of in elk geval de groepen waar zij toe behoren, want zelfs als je niet exact onthoudt welk middel het was, herken je het patroon zodra je iets nieuws koopt.
Drie: vraag bij elk nieuw recept én bij elke nieuwe drogisterij-aankoop expliciet of het samen kan met wat je al gebruikt. Een apotheker krijgt deze vragen graag, sterker, het is precies waarvoor ze zijn opgeleid.
Zonder die informatie kunnen ze interacties simpelweg niet zien.
Met die informatie wordt de kans op een vermijdbare bijwerking, een mislukte werking of een ziekenhuisbezoek aanzienlijk kleiner.
Waarom interacties worden vergeten
Het Nederlandse zorgsysteem is goed in het bewaken van medicatie-medicatie-interacties: zodra je apotheek twee recepten in je dossier ziet die elkaar bijten, gaat er een waarschuwing af. Het probleem is dat supplementen vrijwel nooit in datzelfde dossier staan.
Je koopt vitamine D bij Etos, magnesium bij Holland & Barrett en sint-janskruid bij de natuurwinkel, en geen van die kassasystemen praat met je apotheek. Tegelijk schrijven artsen recepten zonder te vragen wat je verder slikt, en patiënten noemen het zelf ook niet omdat het "maar een supplement" is.
Het gevolg is een blinde vlek. Onderzoek van het Nederlands Bijwerkingen Centrum Lareb laat zien dat een aanzienlijk deel van de gemelde interacties pas achteraf wordt herkend, vaak nadat er al sprake is van een doorbraakzwangerschap, een bloeding of een ontregeling van de schildklier.
De oplossing is niet ingewikkeld, supplementen actief noemen in elk contact met de zorg, maar vraagt wel om bewustzijn. Daarom is de eerste stap niet medisch maar gewoon administratief: weten wat je slikt en zorgen dat de mensen om je heen het ook weten.
1. Sint-janskruid en anticonceptie
Sint-janskruid (Hypericum perforatum) wordt al jaren verkocht als natuurlijk hulpmiddel bij lichte stemmingsklachten en stress. Het werkt, voor sommige mensen, vergelijkbaar met lichte antidepressiva.
Het probleem is dat dezelfde mechanismen die in je hoofd helpen, in je lever een enzymsysteem versnellen dat ook andere medicijnen sneller afbreekt.
Het bekendste slachtoffer is de anticonceptiepil. Door sint-janskruid wordt de hoeveelheid werkzame stof van de pil zo snel afgebroken dat de bloedspiegel te laag wordt voor betrouwbare anticonceptie.
Dit is geen theoretisch risico: er zijn meerdere goed gedocumenteerde gevallen van onbedoelde zwangerschap waarbij sint-janskruid de enige verklaring was. Hetzelfde effect zien artsen bij andere middelen: antidepressiva, immuunsuppressiva (na transplantatie), aids-remmers, sommige bloedverdunners en sommige hartmedicatie.
Het advies is helder: combineer sint-janskruid niet met de pil, een hormoonstaafje of andere hormonale anticonceptie zonder overleg, en bouw het effect niet af door tijdsafstand, de leverenzymen blijven na inname van sint-janskruid nog twee tot vier weken versneld werken.
Wie net gestopt is met sint-janskruid en hormonale anticonceptie gebruikt, doet er verstandig aan om gedurende die overgangsperiode aanvullend condoom te gebruiken.
2. Vitamine K en bloedverdunners
Bloedverdunners van het type vitamine-K-antagonist (acenocoumarol en fenprocoumon, in Nederland bekend onder de merknamen Sintrom en Marcoumar) werken precies door vitamine K in het lichaam tegen te gaan.
Wie zo'n bloedverdunner gebruikt en ondertussen een vitamine K-rijke kuur slikt, of een multivitamine waar K1 of K2 in zit, ondergraaft de werking van de medicatie.
De INR-waarde daalt, de stolling neemt toe en het risico op een trombose of beroerte stijgt. Andersom: stoppen met de vitamine K-suppletie zonder dat de arts daarvan weet kan de INR juist te hoog laten oplopen, met bloedingsrisico tot gevolg.
Voor de Direct Orale Anticoagulantia (DOAC's) zoals rivaroxaban, apixaban en edoxaban speelt deze specifieke interactie niet, omdat zij niet via vitamine K werken. Maar zij kennen wel andere interacties, onder andere met sint-janskruid, ginkgo en hoge doses omega-3.
De vuistregel voor iedereen die een bloedverdunner gebruikt: neem geen supplement zonder bij de trombosedienst (bij Sintrom/Marcoumar) of de apotheek (bij DOAC's) te checken of het mag.
En bij vitamine K is niet alleen het supplement relevant: een plotseling veel groene bladgroenten gaan eten heeft hetzelfde effect en moet bij de trombosedienst worden gemeld zodat zij de dosering bijsturen.
3. Calcium en schildkliermedicatie
Schildklierhormoon (levothyroxine, vaak verkocht onder de naam Thyrax of Eltroxin) is een gevoelig medicijn dat op een nuchtere maag wordt ingenomen omdat voedsel en mineralen het in de darm kunnen binden. Calcium is daarbij de bekendste boosdoener.
Wie zijn schildklierpil 's ochtends inneemt en even later een glas melk drinkt, een ontbijt eet met yoghurt of een calciumtablet slikt, kan tot dertig procent minder werkzame stof opnemen. Het effect: vermoeidheid, gewichtstoename, het gevoel dat de medicatie "niet meer werkt", terwijl de oorzaak in de timing zit.
Het advies is duidelijk maar wordt vaak slecht uitgevoerd. Neem levothyroxine nuchter in met een glas water, wacht minstens een half uur (bij voorkeur een uur) voor eten, en houd minstens vier uur tussen levothyroxine en supplementen met calcium, ijzer, magnesium of een multivitamine.
Hetzelfde geldt voor zink, omdat ook zink in de darm aan levothyroxine bindt.
Wie deze regel een paar weken consequent toepast en daarna een controlebloedwaarde laat prikken ziet vaak een merkbaar verschil, soms voldoende om de dosering te verlagen. Een goed gesprek met de huisarts of internist over timing is dus niet alleen praktisch maar kan ook geld besparen.
4. Magnesium en antibiotica
Antibiotica zijn voor de meeste mensen kortdurende kuren, maar binnen die korte periode is goede opname essentieel, onvoldoende werkzame stof in het bloed betekent een onvoldoende behandelde infectie, met risico op terugkeer of resistentie.
Een paar antibiotica-groepen hebben een specifieke zwakte: ze binden aan tweewaardige mineralen zoals magnesium, calcium, zink en ijzer.
Het bekendste voorbeeld is de groep van de tetracyclines (zoals doxycycline) en de fluorchinolonen (zoals ciprofloxacine en levofloxacine). In de darm vormen deze antibiotica met de mineralen een onoplosbaar complex dat niet wordt opgenomen.
Voor wie deze antibiotica gebruikt geldt: minstens twee uur, bij voorkeur drie tot vier uur, tussen het antibioticum en supplementen met magnesium, calcium, zink, ijzer, of een multivitamine. Hetzelfde geldt voor maagzuurremmers met aluminium- of magnesiumzouten (de meeste "rennies"-achtige tabletten), en voor melkproducten die rijk zijn aan calcium.
Een eenvoudige aanpak: neem het antibioticum bijvoorbeeld om 8:00 uur op nuchtere maag en eventueel magnesium of zink pas in de avond.
Wie tijdens een antibioticumkuur supplementen wil gebruiken om darmflora te ondersteunen kiest beter een probioticum met voldoende uren afstand, omdat ook bacteriën door antibiotica worden gedood.
5. Grapefruit en statines
Strikt genomen is grapefruit geen supplement, maar het komt regelmatig voor in groene smoothies, ontbijtsappen en als "gezond" ontbijt, en de interactie is een schoolvoorbeeld van hoe een onschuldig ogend product een serieuze invloed kan hebben.
Grapefruit (en in mindere mate pomelo en bittere sinaasappel) remt een enzym in de darmwand dat normaal een deel van het werkzame deel van veel medicijnen afbreekt.
Bij statines, cholesterolverlagers zoals simvastatine, atorvastatine en lovastatine, betekent dat de bloedspiegel van het medicijn flink kan stijgen. Het gevolg is een hoger risico op spierpijn, spierschade en zeldzaam ernstige spierafbraak (rhabdomyolyse).
Voor sommige statines is de interactie sterker dan voor andere: simvastatine en lovastatine zijn het gevoeligst, atorvastatine middelmatig, pravastatine en rosuvastatine vrijwel niet.
Maar grapefruit is niet de enige boosdoener: ook calciumantagonisten voor de bloeddruk, sommige slaapmiddelen, ciclosporine na een transplantatie en bepaalde antidepressiva worden beïnvloed.
Wie statines of een van deze andere medicijnen gebruikt, kan grapefruit het beste vermijden, niet alleen op het moment van inname, maar de hele dag, omdat het enzymeffect uren tot dagen aanhoudt. Een glas sinaasappelsap of ander citrusproduct is meestal prima; het effect zit specifiek bij grapefruit en verwante vruchten.
6. Omega-3 en bloedverdunners
Visolie en omega-3 capsules behoren tot de populairste supplementen van Nederland. In lage doses, onder de gram per dag, zijn ze voor de meeste mensen veilig en mogelijk gunstig voor hart- en vaatfunctie.
Maar bij hogere doses (vanaf ongeveer 2 gram EPA en DHA samen per dag, en zeker bij 3 gram of meer) krijgt omega-3 een bloedverdunnend effect.
Bij iemand die al een bloedverdunner gebruikt, Sintrom, Marcoumar, een DOAC of zelfs een lage dosis aspirine, kan dat het bloedingsrisico merkbaar verhogen.
Het effect is dosisafhankelijk en wordt versterkt door andere "dunnere bloed"-supplementen: ginkgo biloba, hoge dosis vitamine E, knoflook-capsules en kurkuma in extract-vorm. Wie meerdere van deze stoffen combineert met een bloedverdunner zit op een onbedoelde stapeling.
Een gewone hoeveelheid vette vis één à twee keer per week is geen probleem; de issue zit bij gerichte hoge-dosis suppletie zonder dat de behandelend arts of trombosedienst dat weet.
Bij elke nieuwe omega-3 kuur of dosisverhoging: melden bij de trombosedienst en de eerstvolgende controle de INR-waarde meten om te zien hoe het bloed reageert.
7. IJzer met andere mineralen
IJzersuppletie wordt vaak voorgeschreven bij ijzergebrek of bloedarmoede, en is een van de minder goed opgenomen supplementen, slechts een fractie van wat je slikt komt daadwerkelijk in het bloed. Een paar combinaties maken die opname nog slechter.
Calcium remt de opname van ijzer, magnesium ook in mindere mate, en zink concurreert direct met ijzer om dezelfde transporteiwitten in de darm. Een multivitamine waarin alle drie de mineralen zitten levert daardoor minder ijzer dan een los ijzertablet, terwijl mensen dat juist andersom verwachten.
Het advies bij ijzersuppletie: neem het apart van calcium, magnesium en zink, bij voorkeur op nuchtere maag of met een glas sinaasappelsap (vitamine C verbetert opname). Koffie en thee remmen ijzeropname ook flink, vermijd ze minstens een uur rond het tablet.
Wie schildkliermedicatie gebruikt, moet ijzer bovendien minstens vier uur na de levothyroxine innemen.
Voor mensen die ijzer slecht verdragen kan een dagje overslaan en dan een dubbele dosis nemen (om de dag) net zo effectief blijken als dagelijks innemen, met minder maagklachten, maar overleg dat schema met de huisarts of apotheek voor je het zelf aanpast.
Bonus: zink en koper
Een vaak vergeten interactie is die tussen zink en koper, twee mineralen die het lichaam in balans nodig heeft. Hoge dosis zinksuppletie (meer dan 40 mg per dag, langdurig) onderdrukt de opname van koper in de darm en kan op termijn een kopertekort veroorzaken.
Dat geeft vermoeidheid, bloedarmoede en in zeldzame gevallen neurologische klachten die in het begin lijken op andere aandoeningen.
Mensen die zink in hoge dosis gebruiken voor huidklachten, immuunondersteuning of een prostaataandoening lopen het meeste risico, vooral als de kuur maanden duurt. Het advies is om bij hoge-dosis zinksuppletie ofwel een koperhoudend multivitamine te combineren, ofwel de kuur kort te houden en daarna terug te gaan naar onderhouds-niveau (5–15 mg per dag).
Wie langdurig zink slikt en onverklaarbare vermoeidheid of bloedarmoede ontwikkelt: vraag de huisarts om koper te laten meeprikken bij de bloedcontrole.
Wat een apotheker precies checkt
Een goede apotheker doet bij elke nieuwe medicatie meer dan alleen het recept aflezen. In het apotheek-informatiesysteem loopt automatisch een interactiecheck tegen alles wat op naam staat, andere medicatie, eerdere recepten, soms allergieën.
Wat daar niet bij zit, zit ook niet in de check.
Daarom is jouw aanvulling cruciaal: noem actief al je supplementen, kruiden, zelfzorgmiddelen (paracetamol, ibuprofen, maagzuurremmers) en eventueel kruidenthee in kuurvorm. De apotheker kan deze als "zelfzorg" vastleggen, waarna ze meelopen in elke volgende check.
Daarnaast kijkt de apotheker naar timing (welke pil wanneer), de combinatie met voeding (nuchter of bij de maaltijd), en bij twijfel naar bloedwaarden zoals de INR, de kalium, de schildklier-waarde of de nierfunctie.
Een goede vraag bij elk nieuw recept is: "Heeft dit middel een belangrijke interactie met iets dat ik bij de drogist koop?" Apothekers krijgen zulke vragen liever te veel dan te weinig, en het kost zelden meer dan een paar minuten.
Tijdens de coronajaren zijn veel apotheken overgestapt op laagdrempelig contact via e-mail of een patiëntportaal, gebruik dat voor niet-urgente vragen, en bel bij twijfel of acute klachten.
Medicatieoverzicht meenemen
Een actueel medicatieoverzicht (AMO) is een lijst die de apotheek voor je bijhoudt en uitprint van alle medicatie en geregistreerde supplementen die je gebruikt. Het is gratis, je kunt het altijd opvragen, en het is verplichte informatie bij elke ziekenhuisopname, operatie of nieuwe specialist.
Veel mensen weten niet dat ze deze lijst hebben, laat staan dat ze hem actueel houden.
Drie momenten waarop je deze lijst zeker meeneemt: bij een ziekenhuisbezoek (ook poliklinisch), bij een nieuwe huisarts of specialist, en bij een operatie of ingreep onder narcose. Vraag bij de apotheek of supplementen op de lijst kunnen worden gezet als "zelfzorg"; veel apotheken doen dat tegenwoordig standaard.
Houd thuis een kopie bij je zorgmap, en update hem minstens twee keer per jaar, bijvoorbeeld bij de overgang van zomer- naar wintertijd en andersom.
Een vergeten supplement op deze lijst is geen klein detail: het is precies wat een arts in het ziekenhuis nodig heeft om jouw narcose, je infuus of je nieuwe medicatie veilig in te richten.
Wat zelf doen bij twijfel
Niet elke combinatie is een drama, en niet elke twijfel hoeft direct tot een afspraak te leiden. Een paar stappen die je zelf kunt zetten:
- Lees de bijsluiter van je medicatie expliciet op het kopje "wisselwerking met andere middelen".
- Check de website van het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG) of het Farmacotherapeutisch Kompas voor neutrale informatie.
- Stuur een vraag via het portaal van je apotheek; veel apotheken antwoorden binnen één werkdag.
- Bij twijfel over een acuut effect (hartkloppingen, bloeding, plotse vermoeidheid): bel de huisarts of huisartsenpost.
- Stop niet abrupt met medicatie omdat je een interactie vermoedt, overleg eerst.
- Pauzeer wel het verdachte supplement totdat duidelijk is of het veilig is.
- Maak een notitie van wanneer je iets nieuws bent gaan gebruiken en welk symptoom zich ontwikkelde, dat helpt de zorgverlener bij het beoordelen.
De rode draad: een apotheker is goedkoper, sneller en vaak beter geïnformeerd over interacties dan een internetzoektocht of een AI-chat. Maak van de apotheek je eerste aanspreekpunt voor "mag dit samen?"-vragen, en je voorkomt heel veel onzekerheid.
Bijwerkingen melden bij Lareb
Het Nederlands Bijwerkingen Centrum Lareb verzamelt meldingen van bijwerkingen en interacties voor medicatie én voor supplementen en kruiden. Iedereen kan een melding doen, patiënt, mantelzorger of zorgverlener, via lareb.nl.
Het kost vijf tot tien minuten, je hoeft geen bewijs te leveren en de melding draagt bij aan een nationaal beeld van welke combinaties problemen geven. Veel waarschuwingen die later in bijsluiters belanden, beginnen als individuele meldingen via Lareb.
Wat te melden: een onverwachte reactie kort na het starten van een supplement (binnen dagen tot weken), een verslechtering van een aandoening waarvan je medicatie gebruikte, of een opvallend laboratorium-resultaat (een veranderde INR, ontregelde schildklier of plots verstoorde bloeddruk) die je terug kunt voeren op een nieuwe combinatie.
Je hoeft de oorzaak niet zeker te weten; Lareb beoordeelt dat.
Belangrijk: een Lareb-melding vervangt geen huisartsbezoek bij acute klachten. Behandel het als een aanvullende stap voor langetermijn-veiligheid, niet als eerste hulp.
Tijd tussen medicatie en supplement
Voor een groot deel van de interacties die in dit artikel staan helpt simpelweg afstand in tijd.
De vuistregel is twee tot vier uur tussen medicatie en de bindende mineralen (calcium, magnesium, ijzer, zink), met een uitzondering naar boven voor schildkliermedicatie (vier uur, bij voorkeur meer) en een uitzondering naar beneden voor sommige antibiotica (waar de bijsluiter strenger advies kan geven).
Maar tijdsafstand werkt niet bij elke interactie. Sint-janskruid, grapefruit en sommige andere stoffen werken op leverenzymen die uren tot dagen aanblijven na inname, daar is afstand zinloos en is het juiste antwoord stoppen of niet beginnen.
Hetzelfde geldt voor vitamine K en bloedverdunners van het Sintrom/Marcoumar-type: het is de hoeveelheid die telt, niet het tijdstip.
Het is dus niet altijd zo simpel als "een paar uur ertussen". Bij twijfel: vraag het na, want sommige adviezen zijn specifieker dan een algemeen schema kan bevatten.
Mythes over interacties
Tot slot een paar hardnekkige misverstanden die de ronde doen, en die vaak juist de mensen overtuigen die het meeste risico lopen.
- "Natuurlijk is veiliger." Sint-janskruid is natuurlijk en is een van de gevaarlijkste interactie-veroorzakers in het schap.
- "Vitamines kunnen geen kwaad." Vitamine K en hoge dosis vitamine E hebben beide klinisch relevante interacties met bloedverdunners.
- "Een supplement is geen medicijn." Voor je lever en darm gedraagt een geconcentreerd kruidextract zich vaak als een laaggedoseerd medicijn.
- "Mijn arts had wel iets gezegd." Artsen kennen je supplementgebruik vaak niet omdat patiënten het niet noemen.
- "Twee uur ertussen is altijd genoeg." Voor enzym-interacties zoals sint-janskruid of grapefruit helpt tijdsafstand niet.
- "Als ik me goed voel, klopt het wel." Interacties met anticonceptie, schildklier of stolling merk je vaak pas als er al schade is.
- "Hoge dosis werkt sneller." Bij omega-3, vitamine E en zink verhogen hoge doses juist het risico op interactie en bijwerking.
De rode draad is bescheiden: supplementen zijn waardevol, maar verdienen dezelfde aandacht als andere ingrepen in je biochemie. Een kort gesprek met je apotheek is het beste preventieve middel dat we hebben, en het kost niets.
Eén afsluitende gedachte. Wie supplementen gebruikt vanuit een gevoel van eigen regie en interesse in gezondheid, doet zichzelf het grootste plezier door die regie consequent door te trekken naar de communicatie met de apotheek.
Niet uit angst, niet uit overdreven controle, maar omdat je informatie over jezelf nu eenmaal alleen iets oplevert als de mensen om je heen die ook hebben.
Een geactualiseerd medicatieoverzicht, een drogist-kassabon waar je apotheker even naar kijkt, en een vraag aan de balie voor je iets nieuws begint, dat is alles wat het kost.
Daarmee zijn de zeven combinaties in dit artikel, en de tientallen andere die er nog zijn, geen reden tot ongerustheid, maar precies de aanleiding om je gezondheid net iets slimmer te managen dan de gemiddelde patiënt doet.
Alles wat je wil weten.
Mag mijn apotheker mijn supplementen weten?+−
Ja, en eigenlijk hoort hij het ook te weten. Apothekers zijn wettelijk verplicht tot beroepsgeheim en mogen jouw supplementgebruik alleen gebruiken om jouw zorg veiliger te maken. In het apotheek-informatiesysteem kunnen ze supplementen meestal toevoegen als "zelfzorg" of "overig", zodat een interactiecheck automatisch loopt bij elke nieuwe pil die je krijgt. Veel mensen aarzelen omdat ze denken dat supplementen "niet meetellen" of dat de apotheek het afkeurt. Het tegendeel is waar: een goede apotheker is blij met de informatie, omdat hij anders een interactie kan missen die jouw arts ook niet kent. Noem dus actief al je supplementen, ook kruiden, eiwitpoeder en multivitamines.
Hoeveel tijd tussen pil en supplement?+−
Voor de meeste binding-interacties, calcium, magnesium, ijzer, zink met antibiotica of schildklier-medicatie, is twee tot vier uur tussen inname een veilige vuistregel. Schildklier-medicatie (levothyroxine) heeft strenger advies: minimaal vier uur, bij voorkeur op nuchtere maag innemen en pas later op de dag supplementen. Voor enzym-interacties (sint-janskruid en grapefruit met statines, anticonceptie, antidepressiva) helpt tijdsafstand niet, die werkt op leverenzymen die uren tot dagen aanblijven. Daar is het juiste antwoord stoppen of overleggen, niet spreiden. Bij twijfel: vraag de bijsluiter na bij je apotheek, want voor sommige middelen geldt een specifieker advies.
Werkt dit ook bij kruiden-thee?+−
Soms wel, soms niet, en daar zit precies het risico. Een kopje kamillethee of pepermuntthee is meestal te zwak om klinisch relevant te zijn. Maar geconcentreerde kruidenthee of kuren met sint-janskruid-thee, ginkgo-thee, kava of zoethout kunnen wel degelijk interacties geven die je bij kruiden-capsules ook ziet. Het hangt af van de dosis werkzame stoffen, de hoeveelheid die je drinkt en hoe lang je het gebruikt. Een week dagelijks drie koppen kruidenthee voor een kuur is iets anders dan af en toe een mok. Bij medicatiegebruik geldt: behandel kruidenthee in kuurvorm net zoals een supplement en noem het bij apotheek of huisarts.
Wat als ik onbewust een interactie had?+−
Eerst: paniek is bijna nooit terecht. De meeste interacties geven geleidelijke effecten, minder werking van een pil, iets meer bijwerkingen, en niet acute schade. Stop niet zomaar met je medicatie; bel binnen een werkdag de apotheek of huisarts en beschrijf wat je hebt gebruikt en hoe lang. Bij sint-janskruid en anticonceptie geldt: gebruik tot vier weken na stoppen aanvullend condoom of overleg over de morning-after-pil als er onbeschermd contact was. Bij bloedverdunners en hoge dosis omega-3 of vitamine K: laat je INR-waarde extra controleren. Bij twijfel over symptomen, bloeding, hartkloppingen, plots minder werking van medicijn, bel direct de huisartsenpost.
Mag ik supplementen stoppen voor operatie?+−
Veel chirurgen vragen om minstens een week voor een operatie te stoppen met supplementen die de bloeding kunnen verlengen: vitamine E in hoge dosis, omega-3 (vanaf 2 gram per dag), knoflook-capsules, ginkgo, ginseng en kurkuma in hoge dosis. Sint-janskruid wordt vaak twee weken van tevoren gestopt vanwege de interactie met narcose-middelen. Een gewone multivitamine of vitamine D mag meestal doorgaan. Belangrijk: stop niets zonder overleg met je behandelend arts of de apotheek van het ziekenhuis. Geef bij de pre-operatieve screening altijd een volledige lijst van wat je slikt, ook "onschuldige" kruiden en eiwitpoeders. Zij beslissen wat veilig is om door te zetten.
Verder in de kennisbank.

Interacties tussen supplementen en medicatie: wat moet je weten?
10 min leestijd

Supplementen bij burnout: ondersteunend of afleiding?
10 min leestijd

Welke supplementen wel/niet tijdens zwangerschap?
10 min leestijd

Supplementen 'stapelen': veilig combineren of overdoseren?
10 min leestijd

Bloedonderzoek voor supplementen: nodig of overbodig?
10 min leestijd

Welke supplementen hebben de beste evidence? (2026-overzicht)
10 min leestijd
