Wie diabetes mellitus heeft krijgt vroeg of laat te maken met de jaarlijkse voetcontrole. Dat is geen administratieve plichtpleging maar een gestructureerd onderzoek dat bepaalt hoe hoog jouw risico op een voetulcus is en welke zorg daarop volgt.

Het instrument dat zorgverleners daarvoor gebruiken heet de SIMM's-classificatie: een schaal van 0 tot 3 die in één getal vat hoeveel sensibiliteit, doorbloeding en risicofactoren je voeten nog hebben.

Dat getal bepaalt vervolgens je zorgprofiel volgens de NZa, het aantal voetzorgmomenten per jaar en of die voetzorg vergoed wordt vanuit de basisverzekering. Dit artikel legt feitelijk uit wat elke SIMM's-klasse betekent, welke test eraan vooraf gaat, wie het onderzoek uitvoert en wat het concreet betekent voor jouw vergoeding en behandelfrequentie.

Een nuchtere gids, gebaseerd op de NHG-standaard Diabetes mellitus type 2 en de Zorgmodule Preventie Diabetische Voetulcera.

In het kort: De jaarlijkse voetcontrole bij diabetes resulteert in een SIMM's-klasse: 0 (geen risico), 1 (verminderde sensibiliteit), 2 (verminderde sensibiliteit plus drukafwijking of vaatprobleem) of 3 (eerdere ulcus of amputatie). Die klasse koppelt aan een zorgprofiel: 1, 2, 3 of 4. Profiel 1 wordt niet vergoed, profiel 2 t/m 4 vallen onder ketenzorg met indicatief vier, acht of meer voetzorgmomenten per jaar. De podotherapeut classificeert, de medisch pedicure met DV-aantekening voert de periodieke zorg uit. Huisarts en POH-S coördineren.

Het korte advies

Als je diabetes hebt, plan dan minstens één keer per jaar een voetonderzoek bij je huisarts, POH-S of podotherapeut. Vraag naar je SIMM's-klasse en het bijbehorende zorgprofiel, die twee getallen bepalen het hele vervolg.

Bij SIMM's 0 ben je niet meer verplicht aan structurele voetzorg, maar zelf alert blijven loont.

Vanaf SIMM's 1 valt de voetzorg onder ketenzorg en wordt deze vergoed zonder eigen risico, mits uitgevoerd door een medisch pedicure of podotherapeut binnen het zorgnetwerk van je huisarts.

Vraag het zorgprofiel altijd schriftelijk op zodat je het kunt voorleggen bij wisseling van behandelaar of huisarts. Bij twijfel of klachten tussen controles door: direct contact met huisarts of podotherapeut, niet wachten op de volgende jaarcontrole.

Waarom voetcontrole bij diabetes?

Diabetes mellitus tast op lange termijn drie systemen aan die direct van invloed zijn op de voeten: het zenuwstelsel, de bloedvaten en de huid. Neuropathie zorgt voor verlies van protectieve sensibiliteit, je voelt een steentje in je schoen niet meer, een blaar niet, een te warme deken niet.

Angiopathie vermindert de doorbloeding waardoor wondgenezing trager verloopt en infecties sneller diep doordringen.

De huid wordt droger en kwetsbaarder, met meer kans op kloven en ragaden. De combinatie van deze drie factoren maakt dat een kleine huidbeschadiging, een drukplek, een minimale wondje, kan uitgroeien tot een diabetische voetulcus.

In Nederland krijgt ruwweg vijftien tot vijfentwintig procent van de mensen met diabetes ooit een voetulcus, en een ulcus is de meest voorkomende aanleiding tot amputatie aan de onderste extremiteit.

Preventieve voetzorg is daarom geen overbodige luxe maar bewezen effectief. Internationale en Nederlandse studies tonen consistent aan dat structurele voetzorg het aantal ulcera, opnames en amputaties significant verlaagt.

De Zorgmodule Preventie Diabetische Voetulcera die in Nederland gehanteerd wordt sinds 2010, periodiek herzien, is gebaseerd op die wetenschappelijke evidentie.

De jaarlijkse screening en de periodieke voetzorg vormen samen een ketenzorgproduct dat bekostigd wordt door de zorgverzekeraar, juist omdat ulcus- en amputatiepreventie veel duurdere zorg verderop in de keten voorkomt.

Voor jou als patiënt is het belangrijk om te beseffen dat de jaarlijkse voetcontrole geen formaliteit is maar de spil van die preventiestructuur.

Wat is de SIMM's-classificatie?

De SIMM's-classificatie is een meetinstrument dat het risico op een diabetische voetulcus in vier categorieën verdeelt. Het systeem is genoemd naar de Britse onderzoeker David Simm en wordt internationaal als standaard gebruikt, in Nederland onderdeel van de Zorgmodule Preventie Diabetische Voetulcera.

De classificatie kijkt naar drie pijlers: protectieve sensibiliteit (gevoel), perifere doorbloeding, en de aanwezigheid van risicofactoren zoals standsafwijkingen, eelt op drukplekken of een eerdere voetulcus.

Op basis van die drie pijlers krijgt de patiënt een klasse 0, 1, 2 of 3 toegekend. Hoe hoger het cijfer, hoe groter het risico en hoe intensiever de preventieve voetzorg moet zijn.

De classificatie wordt minstens jaarlijks opnieuw vastgesteld door de podotherapeut, huisarts of POH-S met aantoonbare scholing in diabetische voetzorg. Bij verslechtering of nieuwe risicofactoren tussen controles door wordt de classificatie tussentijds bijgewerkt.

De Nederlandse uitvoering van SIMM's wijkt op detail af van internationale varianten, maar de hoofdlijnen zijn vrijwel identiek aan het IWGDF-classificatiesysteem dat internationaal gehanteerd wordt door de International Working Group on the Diabetic Foot.

Voor jou als patiënt is het belangrijkste te weten dat één classificatie de basis vormt voor je hele behandelplan voor het komende jaar: behandelaar, frequentie, vergoeding en preventief advies hangen er allemaal aan vast.

De monofilament-test uitgelegd

Het belangrijkste onderdeel van het voetonderzoek is de monofilament-test, ook wel Semmes-Weinstein-test genoemd. Een monofilament is een dun nylon-draadje dat bij een vastgestelde druk van tien gram opbuigt.

De onderzoeker drukt het op verschillende vooraf bepaalde punten van de voetzool, meestal tien locaties verdeeld over voetbal, kleine teen, grote teen en hak, en vraagt de patiënt om te bevestigen of de aanraking gevoeld wordt.

Wie meer dan vier van de tien punten niet voelt, heeft volgens richtlijn verlies van protectieve sensibiliteit. Dat is een centrale bevinding die vrijwel altijd leidt tot SIMM's 1 of hoger.

Naast de monofilament-test gebruikt de onderzoeker vaak een 128-Hz-stemvork voor vibratiezin op de grote teen en de mediale malleolus, een verfijndere test naar dieper liggende sensorische functie.

Reflexen worden beoordeeld met een reflexhamer en de doorbloeding met palpatie van de arteria dorsalis pedis en de arteria tibialis posterior, eventueel aangevuld met enkel-arm-index (EAI) bij twijfel.

De gehele test duurt zo'n tien tot vijftien minuten en is volledig pijnloos. Bij goede uitvoering geeft het een betrouwbaar beeld van de neurovasculaire status van je voeten en is het de wetenschappelijk geaccepteerde standaard voor diabetische voetscreening.

SIMM's 0: geen verhoogd risico

SIMM's 0 betekent dat het voetonderzoek geen verlies van protectieve sensibiliteit, geen vermindering van perifere doorbloeding en geen verhoogde risicofactoren oplevert. Je voeten functioneren normaal binnen de mogelijkheden van iemand met diabetes.

Concreet voel je het monofilament op vrijwel alle testpunten, hebben de voetslagaders een goede pulsatie, is er geen standsafwijking, geen eelt op drukpunten, en is er geen ulcus in de voorgeschiedenis.

Voor mensen die net diabetes hebben gekregen of die de aandoening goed onder controle hebben en geen complicaties hebben ontwikkeld, is dit de meest gangbare uitslag.

Bij SIMM's 0 valt er geen verplichting tot ketenzorg-voetzorg. De jaarlijkse screening blijft wel onderdeel van de basiscontrole bij huisarts of POH-S, omdat de classificatie elk jaar opnieuw vastgesteld moet worden.

Tussen die jaarlijkse controles door ben je vrij om zelf je voetverzorging in te richten, met een gewone of medisch pedicure naar voorkeur.

Veel zorgverleners adviseren ook bij SIMM's 0 om proactief naar een medisch pedicure te gaan, simpelweg omdat de signaalfunctie van een geschoolde behandelaar waardevol is. Een goede medisch pedicure herkent vroege veranderingen in huid, nagels of doorbloeding en kan dit bij de jaarlijkse controle inbrengen.

SIMM's 1: licht verhoogd risico

SIMM's 1 betekent verlies van protectieve sensibiliteit, gemeten met de monofilament-test, zonder bijkomende risicofactoren zoals standsafwijking, eelt of vaatprobleem. In de praktijk komt deze classificatie vaak voor bij mensen die al langer diabetes hebben, vaak met enige polyneuropathie maar zonder verdere mechanische problemen.

Het risico op een ulcus is verhoogd ten opzichte van SIMM's 0 maar nog beperkt. Concreet voel je het monofilament op meer dan vier van de tien testpunten niet, en eventueel is de vibratiezin verminderd.

SIMM's 1 leidt tot zorgprofiel 2 binnen de ketenzorg. Dat betekent recht op periodieke voetzorg door een medisch pedicure met aantekening DV of door de podotherapeut, met indicatief vier consulten per jaar.

De behandelfrequentie kan oplopen bij ongunstige glykemische controle of toenemende risicofactoren. De vergoeding loopt via de huisartsenketen en valt onder de basisverzekering zonder bijdrage aan het eigen risico.

De voetzorgmomenten omvatten anamnese, inspectie van huid en nagels, eeltverwijdering op risicopunten, verzorging van nagels en signalering van veranderingen. Bij elk consult wordt gerapporteerd richting podotherapeut en huisarts.

SIMM's 2: hoog risico

SIMM's 2 betekent dat naast verlies van protectieve sensibiliteit een of meerdere bijkomende risicofactoren aanwezig zijn.

Voorbeelden zijn een standsafwijking zoals hallux valgus, hamertenen of klauwtenen; aanzienlijk eelt op drukpunten; verminderde doorbloeding gemeten via afwezige voetpulsaties of een verlaagde enkel-arm-index; of een bestaande dermatologische voetklacht zoals chronische mycose.

In de praktijk komt SIMM's 2 voor bij mensen die langer diabetes hebben in combinatie met andere factoren, overgewicht, eerdere voetproblemen, slechte glykemische instelling, roken.

SIMM's 2 leidt tot zorgprofiel 3 met indicatief acht consulten per jaar of meer, afhankelijk van klinisch beeld. Naast periodieke voetzorg door de medisch pedicure valt de podotherapeutische begeleiding hier strakker in.

Drukmetingen, beoordeling van schoeisel, eventueel vervaardiging van zooltjes of orthopedisch schoeisel komen in beeld.

Bij zorgprofiel 3 is gestructureerde monitoring belangrijk omdat de stap van een onschuldige drukplek naar een beginnend ulcus klein is.

Voetzorgmomenten omvatten naast verzorging ook actief drukonderzoek en advies aan de patiënt over zelfobservatie. Vergoeding verloopt volledig via de basisverzekering zonder eigen risico, mits uitgevoerd binnen de ketenzorgstructuur.

SIMM's 3: zeer hoog risico

SIMM's 3 is gereserveerd voor mensen met een eerdere diabetische voetulcus, een eerdere amputatie of een Charcot-voet in de voorgeschiedenis. Het maakt niet uit hoe lang geleden die gebeurtenis plaatsvond, wie ooit een ulcus heeft gehad blijft levenslang in deze hoogste risicocategorie.

Het recidief-risico van een diabetische voetulcus is namelijk zeer hoog: meer dan vijftig procent van de mensen krijgt binnen vijf jaar na de eerste ulcus een nieuwe. Daarom volgt na een ulcus altijd opschaling naar SIMM's 3, ook als de huidige voeten er goed uitzien.

SIMM's 3 leidt tot zorgprofiel 4 met intensieve voetzorg, vaak twaalf of meer consulten per jaar, plus structurele begeleiding door podotherapeut en regelmatig overleg met huisarts en eventueel revalidatiearts of vaatchirurg. Bij Charcot-voet komen orthopedische schoenmakers in beeld voor maatwerk.

Bij zorgprofiel 4 is naast preventie ook continue monitoring belangrijk, met laagdrempelig contact bij elke kleinste verandering.

Veel zorgprofiel-4-patiënten hebben tussen geplande consulten door extra contactmomenten via huisarts of wondconsulent. Vergoeding is volledig via basisverzekering zonder eigen risico.

Praktijken die zorgprofiel 4 behandelen werken vrijwel altijd in nauwe afstemming met regionale wondzorgcentra.

Koppeling met NZa-zorgprofielen

De koppeling tussen SIMM's en NZa-zorgprofiel is in de Zorgmodule vastgelegd en wordt jaarlijks door de Nederlandse Zorgautoriteit bekostigd via tariefafspraken met huisartsenketens. Hieronder de overzichtelijke koppeling die in de praktijk gehanteerd wordt:

  • SIMM's 0: zorgprofiel 1, alleen jaarlijkse screening, geen periodieke voetzorg via ketenzorg.
  • SIMM's 1: zorgprofiel 2, indicatief vier voetzorgmomenten per jaar.
  • SIMM's 2: zorgprofiel 3, indicatief acht voetzorgmomenten per jaar.
  • SIMM's 3: zorgprofiel 4, twaalf of meer voetzorgmomenten per jaar, intensieve regie.

De NZa stelt tarieven vast per zorgprofiel die de huisartsenketen ontvangt voor de coördinatie en uitvoering van de voetzorg. De medisch pedicure declareert bij de huisartsenketen volgens contract; voor jou als patiënt verloopt het zonder factuur.

Vermenging met particuliere behandeling, bijvoorbeeld een lakbehandeling die je toevoegt, wordt apart in rekening gebracht.

De NZa-tarieven worden jaarlijks herzien en gepubliceerd op de NZa-website. Voor 2026 ligt het tarief voor zorgprofiel 2 indicatief rond de 250 euro per jaar voor de gehele behandelreeks; voor profiel 3 rond de 500 euro; voor profiel 4 oplopend tot meer dan 800 euro afhankelijk van behandelintensiteit.

Die bedragen zijn voor het systeem, niet voor jou, jouw eigen kosten zijn nul euro mits binnen ketenzorg.

Wie doet het voetonderzoek?

Het jaarlijkse voetonderzoek kan worden uitgevoerd door drie beroepsgroepen: huisarts of POH-S met aantoonbare scholing, podotherapeut, of in beperkte gevallen de praktijkverpleegkundige met diabetes-specialisatie. De keuze hangt af van hoe de huisartsenketen lokaal is georganiseerd en op welk SIMM's-niveau je zit.

In de meeste regio's verricht de POH-S de eerste screening bij SIMM's 0 en 1, en wordt vanaf SIMM's 1 met onduidelijkheden of vanaf SIMM's 2 doorverwezen naar de podotherapeut voor verdiepende analyse en behandelplan. De podotherapeut blijft de eindverantwoordelijke voor classificatie en behandelplan in zorgprofiel 2 en hoger.

Het onderzoek bestaat altijd uit dezelfde kerncomponenten: anamnese over klachten, medicatie en glykemische controle; inspectie van huid, nagels, eelt, drukplekken en standsafwijkingen; monofilament-test op tien punten; vibratiezin met stemvork; palpatie van voetpulsaties; en eventueel ankle-brachial-index bij twijfel over doorbloeding.

De uitkomst wordt vastgelegd in het Huisartsen Informatie Systeem en gedeeld met de medisch pedicure via een schriftelijk behandelplan.

Voor jou als patiënt betekent dit dat je na het onderzoek altijd een uitleg krijgt van je SIMM's-klasse, je zorgprofiel en de geadviseerde behandelfrequentie, vraag er expliciet naar als die uitleg niet spontaan wordt gegeven.

De rol van de podotherapeut

De podotherapeut is een hbo-opgeleide paramedicus met vierjarige opleiding gericht op stand, functie en pathologie van de voet. Binnen diabetische voetzorg vervult de podotherapeut een spilfunctie: vaststellen van SIMM's-classificatie, opstellen van behandelplan, drukmetingen, beoordeling van schoeisel, vervaardiging van zooltjes en orthopedische adviezen.

Bij hoger risico, vanaf SIMM's 2, voert de podotherapeut ook zelf periodiek voetonderzoek uit. Bij Charcot-voet of complexe wonden coördineert de podotherapeut met vaatchirurg, internist en wondconsulent.

De podotherapeut werkt op verwijzing van de huisarts en binnen ketenzorg-contractuele afspraken. Voor de patiënt is de podotherapeut vaak het eerste aanspreekpunt bij twijfels over schoeisel, drukklachten of veranderingen tussen behandelmomenten door.

Praktijken werken vrijwel altijd met digitale dossiers waarin foto's, drukmetingen en behandelplannen gedeeld worden met andere ketenzorgaanbieders.

De podotherapeut bepaalt of een ulcus directe behandeling vergt of dat preventief beleid volstaat. Bij twijfel verwijst de podotherapeut naar de huisarts of direct naar wondzorgcentrum.

De jaarlijkse herbeoordeling van de SIMM's-classificatie en het zorgprofiel is podotherapeutisch werk.

De rol van de medisch pedicure

De medisch pedicure met aantekening DV is de meest frequente behandelaar binnen de ketenzorg. Waar de podotherapeut classificeert en het behandelplan ontwerpt, voert de medisch pedicure de periodieke voetzorgmomenten uit.

Dat omvat anamnese, inspectie, nagelverzorging, eeltverwijdering op risicopunten, behandeling van clavi en signaleren van veranderingen.

De medisch pedicure rapporteert na elke behandeling kort terug aan podotherapeut en huisarts en is verplicht door te verwijzen bij elk teken van een beginnend ulcus, infectie of onverwachte verandering.

De aantekening DV, Diabetische Voet, is een aanvullende opleiding bovenop de medisch pedicure-titel, met examinering door SHE of ProCert en herregistratie elke vijf jaar. Alleen pedicures met deze aantekening mogen binnen ketenzorg behandelen.

Registratie staat openbaar in het KRP- of Kabiz-register. Voor jou als patiënt betekent dit dat een betrouwbare aanbieder altijd zonder aarzelen het registratienummer kan tonen.

De medisch pedicure werkt op behandelplan-basis: het aantal voetzorgmomenten per jaar staat vast in het plan, en bij elke afspraak wordt het plan opnieuw uitgevoerd inclusief vastgelegde controlepunten. Een goede medisch pedicure neemt minstens 45 minuten per consult en documenteert bevindingen.

De rol van huisarts en POH

De huisarts is binnen het Nederlandse zorgsysteem eindverantwoordelijk voor de coördinatie van diabeteszorg. De POH-S, praktijkondersteuner huisartsenzorg somatiek, voert de feitelijke periodieke controles uit, inclusief vaak het jaarlijkse voetonderzoek bij SIMM's 0 en 1.

De huisartsenpraktijk is de spil van de ketenzorg en sluit contracten met podotherapeuten en medisch pedicures binnen het netwerk. Voor de patiënt is de huisartsenpraktijk dus het centrale aanspreekpunt voor de organisatie van de voetzorg.

De NHG-standaard Diabetes mellitus type 2 beschrijft de jaarlijkse voetcontrole als integraal onderdeel van de diabetes-jaarcontrole, naast bloedonderzoek, oogonderzoek en nierfunctie.

POH-S met aantoonbare scholing volgens richtlijn van het Nederlands Huisartsen Genootschap mag classificatie verrichten bij SIMM's 0 en 1; bij twijfel of hoger risico verwijst zij door naar podotherapeut.

De huisarts blijft beslissingsbevoegd bij wijzigingen in behandelplan of bij signalen van een beginnende ulcus. Bij acute klachten, verkleuring, pijn, wond, geur, is contact met de huisartsenpraktijk altijd het eerste juiste pad, niet wachten op een geplande pedicure-afspraak.

Hoe vaak voetcontrole per klasse?

De frequentie van voetzorg verschilt sterk per SIMM's-klasse en wordt jaarlijks vastgelegd in het behandelplan van de podotherapeut. Hieronder de indicatieve aantallen behandelmomenten per jaar volgens de Zorgmodule:

  • SIMM's 0: jaarlijkse screening, geen vergoede periodieke voetzorg.
  • SIMM's 1: vier voetzorgmomenten per jaar, elke drie maanden.
  • SIMM's 2: acht voetzorgmomenten per jaar, indicatief elke zes weken.
  • SIMM's 3: twaalf of meer voetzorgmomenten per jaar, vaak maandelijks of frequenter.

Deze aantallen zijn richtinggevend, niet absoluut. Bij specifieke risicofactoren, slechte glykemische instelling, eerdere problemen, ongunstige levensomstandigheden, kan de podotherapeut intensiveren.

Andersom kan bij stabiele klinische beeld en lage risicofactoren een licht lagere frequentie binnen profiel verantwoord zijn.

Belangrijk is dat tussen geplande consulten door alertheid blijft: bij elke kleinste verandering, een blaar, een verkleuring, een wondje, een drukplek die niet weggaat, direct contact opnemen met de medisch pedicure, podotherapeut of huisarts, afhankelijk van wat het meest passend is. De geplande frequentie is een ondergrens, geen plafond.

Waar je zelf op moet letten

Zelfobservatie is een centrale pijler in de preventie van diabetische voetulcera. Tussen behandelmomenten door is het advies om dagelijks beide voeten zelf te inspecteren, bij voorkeur 's avonds, met goed licht en eventueel een handspiegel om de voetzool en hielen te zien.

Wat je zoekt: nieuwe rode plekken, blaren, sneetjes, drukplekken, kleurveranderingen, zwellingen, en huidproblemen tussen de tenen.

Bij verminderde sensibiliteit voel je beschadigingen niet, dus visuele controle is essentieel. Mensen die niet meer bij hun voeten kunnen door artrose of overgewicht kunnen een partner, mantelzorger of thuiszorg vragen om mee te kijken.

Naast dagelijkse visuele inspectie hoort wassen met handwarm water, niet heter dan 37 graden, te controleren met een thermometer omdat warmte-gevoel verminderd kan zijn, en goed droogdeppen, vooral tussen de tenen, om mycose te voorkomen. Hydraterende crème op droge huid maar niet tussen de tenen.

Nagels recht knippen, niet te kort, hoeken licht afronden. Nooit zelf likdoorns of eelt verwijderen met scherpe instrumenten of likdoornpleisters: het risico op weefselletsel is te groot.

Bij elke twijfel: foto maken en delen met medisch pedicure of huisarts voor advies. Vroege herkenning is de belangrijkste preventie van ernstige complicaties.

Schoeisel en sokken bij diabetes

Schoeisel is na zelfobservatie de tweede pijler van ulcuspreventie. Slecht passende schoenen veroorzaken drukpunten die bij verminderde sensibiliteit niet gevoeld worden en kunnen uitgroeien tot een ulcus.

De algemene richtlijn is: schoenen met voldoende ruimte voor de tenen, een stevige hielcontroleur, een soepele zool, en geen naden of stiksels aan de binnenzijde die kunnen drukken.

Hoge hakken, smalle puntige neuzen en open sandalen met dunne riempjes worden bij hoger SIMM's-risico afgeraden. Veel mensen met diabetes kopen een halve maat ruimer dan vroeger om voldoende ruimte te houden bij eventuele zwelling.

Bij SIMM's 2 en 3 komen aangepaste zooltjes of orthopedisch schoeisel in beeld, voorgeschreven door de podotherapeut of revalidatiearts en deels vergoed via de basisverzekering of aanvullende verzekering. Sokken bij voorkeur van katoen of wol, zonder dikke naden, en niet te strak om doorbloeding niet te belemmeren.

Vermijd elastieken die diepe afdrukken nalaten.

Veel mensen vinden naadloze diabetes-sokken comfortabel, te verkrijgen bij speciaalzaken en thuiszorgwinkels. Schoenen elke dag voor het aantrekken visueel én met de hand controleren op kiezels, scherpe randen of vouwen in de binnenzool.

Een steentje van twee millimeter dat een uur lang ongemerkt blijft kan bij verminderde sensibiliteit een wondje veroorzaken dat weken nodig heeft om te genezen.

Ulcus voorkomen: wat werkt?

De preventie van diabetische voetulcera berust op zes gelijkwaardige pijlers die samen het beste resultaat geven. Ten eerste de jaarlijkse screening met juiste classificatie.

Ten tweede de structurele preventieve voetzorg conform zorgprofiel. Ten derde dagelijkse zelfinspectie.

Ten vierde adequaat schoeisel met eventueel zooltjes of orthopedische maatschoenen.

Ten vijfde een goede glykemische instelling, een HbA1c binnen streefwaarden vermindert progressie van neuropathie en angiopathie aantoonbaar. Ten zesde stoppen met roken, omdat roken de perifere doorbloeding direct verslechtert en de wondgenezing belemmert.

Wetenschappelijk onderzoek door onder andere de International Working Group on the Diabetic Foot toont dat de combinatie van deze pijlers het ulcusrisico met meer dan vijftig procent kan verminderen. Eén pijler aanpakken zonder de andere is minder effectief dan een integrale aanpak.

Voor jou als patiënt betekent dit dat aandacht voor preventie meer is dan een paar pedicure-afspraken per jaar, het is een levensstijl die schoenkeuze, dagelijkse routines, glykemische controle en samenwerking met meerdere zorgverleners omvat.

De aandacht hiervoor wordt op latere leeftijd ruimschoots terugbetaald in behoud van mobiliteit, zelfstandigheid en welbevinden.

Een amputatie is bij goede preventie in de meeste gevallen geen onontkoombaar lot maar het gevolg van een opeenstapeling van vermijdbare factoren.

Vergoeding per zorgprofiel

De vergoeding van diabetische voetzorg is voor veel mensen het meest verwarrende onderdeel. Hieronder een overzicht zoals het in 2026 is geregeld binnen de Nederlandse basisverzekering en ketenzorg.

  • Zorgprofiel 1 (SIMM's 0): alleen jaarlijkse screening via huisarts of POH-S, geen vergoeding voor periodieke voetzorg via ketenzorg. Pedicure-bezoek is particulier, eventueel via aanvullende verzekering.
  • Zorgprofiel 2 (SIMM's 1): volledige vergoeding van vier voetzorgmomenten per jaar via basisverzekering, geen eigen risico, uitgevoerd door medisch pedicure met DV-aantekening of podotherapeut binnen ketenzorg.
  • Zorgprofiel 3 (SIMM's 2): volledige vergoeding van acht voetzorgmomenten per jaar, plus podotherapeutische begeleiding, drukmetingen en eventueel zoolaanpassing. Geen eigen risico binnen ketenzorg.
  • Zorgprofiel 4 (SIMM's 3): volledige vergoeding van twaalf of meer voetzorgmomenten per jaar, intensieve podotherapeutische regie, vaak gecombineerd met wondzorg en orthopedische schoenmakerij volgens indicatie.

Buiten de basisverzekering kan de aanvullende verzekering nog extra pedicure-behandelingen vergoeden, doorgaans bij SIMM's 0 of voor cosmetische aspecten van behandeling. Voorwaarden verschillen sterk per zorgverzekeraar; check je polis vooraf.

Particuliere lakbehandeling of additionele welzijnsbehandelingen vallen nooit onder ketenzorg en betaal je zelf, vraag vooraf om transparante prijsstelling. Mocht je twijfelen of jouw behandeling onder ketenzorg valt, bel dan je huisartsenpraktijk en vraag schriftelijke bevestiging.

Praktische checklist

  • Heb ik dit jaar een SIMM's-classificatie laten vaststellen door huisarts, POH-S of podotherapeut?
  • Weet ik welk zorgprofiel bij mijn SIMM's-klasse hoort?
  • Heb ik een schriftelijk behandelplan met afgesproken frequentie?
  • Is mijn medisch pedicure geregistreerd in KRP of Kabiz met aantekening DV?
  • Werk ik met een pedicure binnen de huisartsenketen, zodat vergoeding via basisverzekering loopt?
  • Inspecteer ik mijn voeten dagelijks visueel?
  • Heb ik passende schoenen zonder drukpunten, met eventueel podotherapeutische zooltjes?
  • Is mijn HbA1c binnen de streefwaarden van de NHG-standaard?
  • Weet ik wie ik bel bij een acute verandering, huisarts of medisch pedicure?
  • Maak ik foto's van twijfelachtige plekken om te delen met mijn behandelaar?

Voetcontrole bij diabetes is geen optionele extra maar de spil van preventie van ernstige complicaties. De SIMM's-classificatie en het bijbehorende zorgprofiel zijn de twee getallen die je hele behandelplan bepalen, van behandelfrequentie tot vergoeding tot keuze van behandelaar.

Wie jaarlijks de screening laat doen, het zorgprofiel kent, een vaste behandelaar binnen ketenzorg heeft en dagelijks zelf alert blijft, vermindert het ulcusrisico aanzienlijk.

De medisch pedicure met aantekening DV, de podotherapeut en de huisarts vormen samen het team dat preventie waarmaakt. Voor jou als patiënt is het belangrijkste te beseffen dat het systeem voor je klaarstaat, vergoeding, expertise en behandelplan, mits je het zelf benut, vragen stelt en je behandelaars op één lijn houdt.

Investeer in die kennis, want elke voorkomen ulcus is een fundament onder behoud van mobiliteit, zelfstandigheid en kwaliteit van leven op latere leeftijd.

Veelgestelde vragen

Alles wat je wil weten.

Bij welke Simm-klasse hoort welk zorgprofiel?+

De koppeling tussen Simm's en zorgprofiel is in de Zorgmodule Preventie Diabetische Voetulcera vastgelegd. Simm's 0 valt onder zorgprofiel 1 en wordt niet vergoed binnen de ketenzorg; de jaarlijkse screening door huisarts of POH-S is wel onderdeel van de basisverzekering. Simm's 1 hoort bij zorgprofiel 2, met vier voetzorgmomenten per jaar door een medisch pedicure of podotherapeut. Simm's 2 valt onder zorgprofiel 3, met indicatief acht consulten per jaar. Simm's 3, eerdere ulcus of amputatie, staat gelijk aan zorgprofiel 4, met intensieve voetzorg op indicatie. De NZa-tarieven volgen deze profielen via de huisartsenketen.

Hoe vaak moet ik onder controle bij Simm 1?+

Bij Simm's 1, licht verhoogd risico, schrijft de Zorgmodule een jaarlijkse screening door podotherapeut of huisarts voor, plus periodieke voetzorg door een medisch pedicure met aantekening DV. De richtlijn rekent in zorgprofiel 2 met vier voetzorgmomenten per jaar als startpunt, oftewel elke drie maanden. Bij specifieke risicofactoren, slechte glykemische controle, eerdere problemen, levensstijl, kan de podotherapeut intensiveren naar zes momenten. De jaarlijkse herbeoordeling door de podotherapeut bepaalt of je in dezelfde klasse blijft. Een verslechtering naar Simm's 2 leidt tot opschaling naar zorgprofiel 3 met meer behandelmomenten.

Wat als ik Simm 2 of 3 heb maar geen ulcus?+

Simm's 2 en 3 zijn risicoclassificaties die niet vereisen dat je op dat moment een ulcus hebt. Simm's 2 betekent verlies van protectieve sensibiliteit gecombineerd met standsafwijking of een ander risicofactor. Simm's 3 betekent een eerdere ulcus of amputatie in de voorgeschiedenis. In beide klassen ben je risicodrager en heb je structureel intensieve preventieve voetzorg nodig, juist om een nieuwe ulcus te voorkomen. Behandelfrequentie ligt op zes tot twaalf consulten per jaar, met inspectie van drukpunten, eelt, nagels en huid. De podotherapeut beoordeelt schoeisel en stelt zo nodig zooltjes of orthopedisch schoeisel voor.

Mag ik kiezen welke medisch pedicure ik bezoek?+

Ja, binnen de ketenzorg heb je vrije keuze van behandelaar, mits de pedicure de aantekening DV heeft en is aangesloten bij de huisartsenketen of podotherapie-praktijk die jouw voetzorg coördineert. In de praktijk werken huisartsenpraktijken met een netwerk van vaste medisch pedicures. Wie buiten dat netwerk een eigen voorkeur heeft, kan dit bespreken; vaak is aansluiting mogelijk. Belangrijk is dat de behandelaar geregistreerd staat in KRP of Kabiz met aantekening DV en bereid is binnen het behandelplan van de podotherapeut te werken. Zonder die afstemming valt de behandeling buiten de vergoeding van de basisverzekering.

Vervangt de medisch pedicure de podotherapeut?+

Nee, de rollen zijn aanvullend. De podotherapeut is een hbo-opgeleide paramedicus die de jaarlijkse screening, classificatie en het behandelplan uitvoert, schoeisel beoordeelt, drukmetingen verricht, zooltjes ontwerpt en bij wonden de regie voert. De medisch pedicure met aantekening DV voert de periodieke preventieve voetzorg uit: nagelverzorging, eeltverwijdering, behandeling van clavi en signalering van veranderingen. Beide beroepsgroepen werken samen binnen de ketenzorg en wisselen bevindingen uit. De podotherapeut blijft eindverantwoordelijk voor het behandelplan. Bij twijfel of acute veranderingen verwijst de medisch pedicure altijd terug naar de podotherapeut of huisarts.

Lees ook

Verder in de kennisbank.

Alle artikelen →